|
|

Soendanese vrouwen
Is
Johannes nadat zijn contract in Indië bij de marine geëindigd was, nog terug geweest naar Nederland?
Mogelijk is hij aansluitend begonnen
bij zijn nieuwe werkgever in Indië, de Billiton of Sinkep
Tin-maatschappij. TIN
De Singkep Tin
Maatschappij is opgericht in 1889 en in 1933 overgenomen en
opgegaan in de N.V. Billiton (tin) Maatschappij.
post van Rotterdam
in 1903
Johannes krijgt dan een relatie met de "naar zeggen"
Soendanese
'inlandse' vrouw Sanimah, wat niet ongewoon was in die
tijd.
De eerste zoon werd geboren op Sumatra te Blimbing op 10
oktober 1900 en hij krijgt dezelfde namen
als zijn vader nl.: Johannes Reinhardt Hubertus.
Op 22
mei 1902 wordt te Palembang nog een zoon
geboren en hij wordt genoemd naar zijn grootvader Pieter of een nog verdere voorvader
Pieter van Beemen.
Zijn volledige namen worden Pieter
Louis.
Na
2 jaar wordt dan in (Buitenzorg op Java?) zijn derde zoon geboren en wel op 15 juni 1904 uit de 19jarige Japanse
Sjizoeko Otzobo.
Hij krijgt de namen Louis James.
Vermoedelijk is Johannes dan al gehuwd met deze Japanse dame uit een oud
krijgs-(Shogun)-geslacht.
De eerste 2 zonen
werden erkend te Palembang op 22-4-1903.

'Het
paleis van Zijne Exellentie', aldus luidt de tekst door Johannes
geschreven op de achterkant van deze foto.
Dit huis bevond zich te
Samboe Poeloe in de Riouw archipel.

_
Van Louis is verder erg weinig bekend.
Als zijn
vader en moeder inderdaad gehuwd waren hoefde hij niet erkend te worden!
Vanaf
de vroegste jeugd van deze 3 Eijsbroek-zoons is nog veel
onbekend.
Johannes, Pieter en Louis werden op 1-2-1913 Katholiek gedoopt te Riouw
terwijl vader Johannes zelf nog laatstelijk opgegeven had NH te zijn.
In de
loop van 1913 worden zijn 3 zoons geplaatst in het Katholieke jongensinternaat
St Vincentius te Buitenzorg.
Ze zijn dan 13, 11 en 9 jaar oud.
Het doopritueel heeft vermoedelijk te maken met de
toekomstige plaatsing in het Katholieke jongensinternaat.


Johannes zijn
bureau hierboven getoond met een gedeeltelijk verborgen portretje die heel wel
mogelijk hemzelf en zijn 2 oudste zoontjes voorstelt. Dan staat Pieter
zichtbaar rechts van hem en Johannes verborgen ter linkerzijde.
_ In
november 1913 verlaat Johannes met zijn Japanse ega Nederlandsch Indië.
De reden en oorzaak van zijn vertrek zijn
onbekend.
Mogelijk dat hij te kampen kreeg met heimwee of gezondheidsproblemen
en
noodzakelijkerwijs de archipel heeft moeten verlaten.
Er kunnen nog legio andere
aanleidingen bestaan om het "Riouwse" te verlaten!
Misschien had
Sjizoeko wel heimwee?
Zomaar wat Indische kindertjes
_ Men
zegt wel eens dat mensen die lange tijd hebben gevaren en/of over de wereld
hebben gezworven nergens meer rust vinden of anders gezegd "ze zijn hun
thuis kwijt geraakt".
Het
is aannemelijk dat Johannes de opvang van zijn zoons zo goed mogelijk heeft geregeld, dat zijn zoons in ieder geval
een goede opvoeding en opleiding zouden krijgen en niet het risico
zouddit alles lopen
te 'verdwijnen' in de kampong met moeder Sanimah.
Het zal voor haar een hard gelag zijn geweest om haar
zoons te moeten afstaan door de vermoedelijke medewerking van de werkgever
“Sinkep Tin Maatschappij” en gearrangeerd door Johannes.
Zij werden
ondergebracht in het Katholieke jongensinternaat St. Vincentius te Buitenzorg.
Waarschijnlijk heeft hij daarvoor betaald en vermoedelijk voor langere tijd.
_ Hij heeft er ongetwijfeld
tegenop gezien zijn zoons mee te nemen, maar ook om ze achter te laten.
Het
is niet eenvoudig om met zo weinig feiten deze geschiedenis te beoordelen.
_ Volgens familie-info zou hij ook met Sjizoeko naar Japan zijn geweest en dat
blijkt inderdaad het geval geweest te zijn omdat ansichtkaarten van hem
zijn opgedoken bij zijn achternichtje.
Daaruit kon ook worden opgemaakt dat
hij daar niet heeft gewoond, gezien de datum waarop hij in
zijn geboortestad Rotterdam opdook.
_Twee vrouwen zijn nu
'beroofd' van hun kind(eren), want de jongens zien hun moeders nooit meer
terug.

Het gewestelijk (gouvernementsvaartuig)
'Bantam'
gezusterlijk naast de Chinese Betsy aan de steiger te Tandjoengbalai Groot
karimoen begin 20e eeuw.
Gewestelijke vaartuigen onderhielden de lokale
verbindingen.
Een kopie van zijn
persoonskaart uit de burgerlijke stand van Rotterdam bevat de aantekening,
beroep:
scheepswerktuigkundige.
10-7-1880 afgeschreven naar Utrecht zie voor
inschrijving Rg.13A folio644. 1888-1898 in marinedienst.
1898-1913(nov) te
Poeloe Samboe res. .... en onderhoorigheden N.O.I. November
1913-1917(juli) zonder vaste woonplaats in Nederland.
Juli 1917 gevestigd in Rotterdam
Noot:
op deze kaart is de naam Eijsbroek correct weergegeven.
Johannes
komt sinds 1913 in juli 1917
opnieuw in beeld te Rotterdam.
Sjizoeko is bij hem want zij
overlijdt een maand later, mogelijk zonder de aanwezigheid van Johannes
omdat hij haar overlijden niet zelf heeft aangegeven.
In de
overlijdensaangifte staat vermeld dat zij 32 jaar is en de echtgenoote van J.R.H.
Eijsbroek.
Het adres nadien van Johannes is dan het Zeemanshuis in de
Callandstraat nr. 24b te Rotterdam.
Zijn laatst bekende adres is dan nog steeds
Poeloe Samboe in de residentie Riouw en andere onderhorigen.
Een kleine 2 jaar
na het overlijden van Sjizoeko volgt Johannes haar want hij overlijdt in het
Bergwegziekenhuis te Rotterdam.
Vanaf 1913 tot en met 1917 is hij denkelijk
onvindbaar geweest (voor zijn zoons?) die in die tijd aan hun tienerjaren waren
begonnen.
Het is de vraag of de drie jongens hebben geprobeerd
hun vader te achterhalen.
Op
het bureau van Johannes stond dit portret van zijn familie in een winters
Stolwijk dan wel Stolwijkersluis
Het
blijkt (uit familie-informatie) dat de Tinmaatschappij en het Weeshuis de
jongens hebben verteld dat hun moeder was overleden en dat dit de reden was
dat ze in een tehuis ondergebracht werden.
Wat hen over hun vader is uitgelegd kunnen we
slechts gissen.
Ook
blijkt er bij de nakomelingen van de zusters van Johannes
in Nederland zo goed als geen kennis aanwezig
te zijn over zijn bestaan in hun familie.
De kleindochter van zijn
zuster, Karen Brøker (76jaar) had gehoord van Johannes Reinhardt Hubertus die
met een Japanse prinses zou zijn getrouwd en ook nog naar Japan was geweest en
zelfs met haar nog hier in Nederland had gewoond. (wat
bleek te kloppen, alleen was ze geen prinses)
Ze had er nota bene foto's van in haar album, maar had geen idee dat het een broer van haar oma
was!
Johannes
overlijdt in zijn geboortestad Rotterdam:
Heden
vier en twintig april negentienhonderd negentien verschenen voor mij Ambtenaar
van den burgerlijken stand van Rotterdam: Gerardus Marinus Verschoor, oud drie
en tachtig jaren, zonder beroep, wonende alhier en Marten Boonstra, oud acht
en zestig jaren, zonder beroep, wonende alhier, die verklaarden, dat op twee
en twintig april dezes jaars, des voormiddags negen uur, Bergweg, nummer
één
en tachtig, alhier is
overleden: JOHANNES REINHARDT HUBERTUS EIJSBROEK, oud
acht en veertig jaren, geboren en wonende alhier, machinist, zoon van Pieter
Eijsbroek en Johanna Jacoba van Cuijlenburgh, beiden overleden. Waarvan akte,
enz.

Het
Rotterdamse Bergweg-ziekenhuis waar Johannes overleed.
(foto gevonden bij
ansichtkaarten-handelaar op de markt te Velp
|